New Rural History Nieuwe PLAG
Blog
Het Nederlandse Landbouw Museum

Het Nederlandse Landbouw Museum

God schiep de aarde, en de mens schiep Nederland. Maar in tegenstelling tot andere landen op aarde heeft Nederland geen nationaal landbouwmuseum. Tsjechië, Finland, Egypte, Zuid-Afrika, India, Zuid-Korea, Argentinië, Brazilië, Colombia, en ook onze Duitse oosterburen hebben dat wel, Nederland niet. 

Een landelijk landbouwmuseum was er wel, meerdere keren zelfs. De oudste initiatieven stammen uit 1808, toen landbouwcommissaris Jan Kops (1765-1849) in Amsterdam het Kabinet van Landbouwwerktuigen inrichtte. Tussen 1833–1881 diende deze collectie in Utrecht voor colleges landhuishoudkunde. Het was een voorbeeldcollectie met onder andere miniaturen voor fabrikanten en landbouwers.  Deze werd overgebracht naar Wageningen waarbij een deel werd vernietigd. Vanaf 1907 werd deze collectie aanzienlijk vermeerderde en moderniseerde door het Instituut voor Landbouw­werktuigen en Gebouwen. Een deel ging verloren tijdens de Tweede Wereldoorlog, een andere deel verkocht men gedurende de jaren 1950 als schroot, de rest werd opgeslagen. Tussen 1935 en 1960 was er het Nederlands Lanbouwmuseum aan de Stationsstraat te Wageningen. Een tweede start vond plaats in 1977 met het Museum Historische Landbouwtechniek aan de Droevendaalsesteeg, wederom in Wageningen. De WUR ging zich echter internationaal oriënteren en sloot het museum in 2005.1 Na een aantal omzwervingen kwam de collectie, inmiddels 25 vrachtwagens vol, terecht op 10 verschillende locaties op het Landgoed Marienwaerdt te Beesd. Ook daar bleef de collectie groeien. Zo verhuisden alle objecten van de Stichting Noord-Hollands Zuivelarchief en de Stichting Behoud Oude Schermeer Werktuigen ook naar Beesd. Wederom werden pogingen gedaan om een Nationaal Landbouw Museum op te richten. Kopstukken van de Erfgoed Inspectie, de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, het Nederlands Openluchtmuseum, het Fries Landbouwmuseum, het Gelders Erfgoed en Frans Baron van Verschuer van Landgoed Mariënwaerdt zelf bewogen hemel en aarde om de collectie te redden. Noch de politiek, noch de nieuwsmedia, noch de overheden waren geïnteresseerd. Daardoor ligt die totale erfenis nu intussen bijna twintig jaar in lekkende gebouwen en plantenkassen. Wat er nog van over is wordt binnenkort openbaar geveild. Het oprichten en weer teloorgaan van een nationale collectie agrarisch erfgoed kan inmiddels een Nederlandse traditie worden genoemd.  

Image1
Indruk van de omstandigheden waaronder de nationale collectie agrarisch erfgoed in de kassen van Landgoed Maeriënwaerdt is opgeslagen

Het grootste materiele archief van de Nederlandse landbouw ging hiermee verloren en daarbij bovendien de materiele neerslag van 200 jaar onderzoek door de voornaamste academische instanties. Alleen een deel van de brochures bleef bewaard in de Speciale Collecties van Bibliotheek Wageningen. De collectie miniatuurmodellen uit het Kabinet van Landbouwwerktuigen en van F.L.W. van den Brakell van den Eng (Lienden, 1788-1865) kwamen als enige op de lijst Beschermd Cultuurbezit en worden bewaard in resp. Wageningen en in Leeuwarden.  

Is er hoop? Uitzoomend zien we circa 125 vaak kleine musea met agrarische objecten. Deze hebben in de regel een sterk lokale scoop en vallen om de haverklap weer om doordat ze steunen op individuele initiatieven. Het door de provincie gesteunde Fries Landbouwmuseum is het enige museum van enige omvang dat de landbouw en ook haar recente ontwikkelingen documenteert, verzamelt en uitdraagt. Het Nederlands Openluchtmuseum had er ook lange tijd aandacht voor maar heeft wat betreft de recente ontwikkelingen inmiddels een grote achterstand. De RCE heeft de landbouw tegenwoordig wel weer op haar vizier en realiseerde een lijst met agrarische collecties en met toonbeelden van machines, vooral van Nederlandse makelij. Samen met de RCE ontwierp het Gelders Erfgoed bovendien een thesaurus voor de beschrijving van agrarisch erfgoed.2 En nu is daar de Nieuwe PLAG, waarmee er hernieuwede academische interesse is voor agrarisch erfgoed.  

Een landelijke plek waar de materiele cultuur van de traditionele landbouw, de mechanisatie en de landbouwtransitie wordt geborgd en uitgedragen ontbreekt nog steeds. Voor soldaten is het inmiddels gelukt (Nationaal Militair Museum). Dan zou een land toch ook in staat moeten zijn om voor haar boeren te zorgen.  

Met dank aan Henk Dijkstra, voormalig directeur Fries Landbouwmuseum.  

  1. Bron: Beleidsplan Stichting Collectie Historische Landbouwtechniek (SCHL) versie 4-10-2021.
  2. https://kennis.cultureelerfgoed.nl/index.php/Thema/Agrarische_collecties_en_verzamelingen

Bezoek hier de website van het Friese Landbouwmuseum.