De schortezak
De gangen en kamer van het Provinciehuis in Zeeland hangen vol met afbeeldingen van jonge vrouwen. Ze zijn een symbool voor onze provincie: het Zeeuws meisje. In klederdracht en verschillende poses symboliseren ze, ja wat eigenlijk? Soms staan er slogans bij: #gelijkheid, #rechtvaardigheid of #broederschap. Er heerst in deze provincie een enorme obsessie voor alles wat maar Zeeuws is of kan zijn, een hunkering naar identiteit.
In die maalstroom wordt er nogal wat uit de kast getrokken. Een van de grappigste voorvallen wat dat betreft is de ambtenaar die verzon dat de Roosevelts (van de presidenten) uit Zeeland kwamen. Ondanks dat het niet waar is hebben we nu in Middelburg toch een Roosevelt studiecentrum, een Roosevelt University College en kwamen Nelson Mandela en de Dalai Lama naar Middelburg. Dat is best veel invloed voor een stukje verzonnen folklore zou ik zo zeggen.
Die hunkering naar identiteit. Die heb ik ook. Ook ik ben een kind van mijn plek en mijn tijd. Ik maak muziek in (een Zeeuws) dialect en doe onderzoek naar onderwerpen uit Zeeland. Toch voel ik regelmatig afkeer. De huidige commissaris van de Koning in Zeeland was nog niet officieel in dienst toen hij al vol op het Zeeuwse orgel ging. Geboren en getogen! Echt Zeeuws! Maar die boodschap was maar de buitenkant, de verpakking. Als je dat cadeau openmaakt zit er een nieuwe kerncentrale in, meer macht voor de industrie, meer vervuiling. Prima dat je trots bent op Zeeland maar waarom doe je dan niet iets aan de rivier waar we niet meer uit kunnen eten? Enzovoort. Jullie snappen het wel. Dat geldt ook voor klederdracht: het is ceremonieel, altijd een verkleedpartij en ik blijf wantrouwig tot ik de boodschap weet. Ik zag een man uit Domburg in onze lokale krant staan. Hij droeg een heel pak van de dracht als een uniform. Goud, paardemes, alles. Hij was heel trots op Zeeland en had dit pak speciaal aangetrokken om mensen te laten weten dat hij een échte Zeeuw was en kwam zo protesteren tegen een mogelijke plek om gevluchte mensen op te vangen. Met dat soort trots wil ik geen Zeeuw zijn.
Een schortezak is meestal een linnen zak, beetje als een linnen schoudertasje, met losse koorden of linten die je om je heup kan binden. Vrouwen dragen ‘m onder de buitenste rok. Via de split (‘soggezak’) onder je bovenste rok kun je er zo bij met je hand. Soms hebben vrouwen er twee, links en rechts. De heupzak komt in m’n leven omdat Anne Petterson er niet over op houdt. Ze heeft zich vastgebeten in een verhaal over een vrouw die in 1885 in botsing komt met haar omgeving. Ze wordt betrapt met stelen van rijst uit een kabinet in een kamer, 2,5 kilo in totaal. Van de boer waar ze als meid voor werkt. Dat kunnen we teruglezen in de annalen van de rechtbank. De burgemeester schrijft in een brief dat hij niets nadeligs over haar heeft vernomen. Ja, klopt, ze wisselt regelmatig van werkgever. Als het haar niet aanstaat is ze weg. ‘Ze weet goed wat ze zegt en doet,’ schrijft hij neer. Er zijn snippers van een aanranding opgetekend, iets met een gestolen portemonnee. De werkelijke toedracht blijft onduidelijk, maar ja, dat stelen klopte. 2,5 kilo rijst. Ze wordt veroordeeld en krijgt acht dagen eenzame opsluiting in de gevangenis in Goes.
Elizabeth van der Hage heet de vrouw, 21 jaar oud op dat moment en dienstmeid. Geboren op Zaamslag, een dorp midden in de Zeeuws-Vlaamse polders. Anne heeft haar verhaal uitgezocht in het Zeeuws Archief waar het in fragmenten verdeeld te vinden was. Een brief van de burgemeester van Zaamslag, een rechtbankverslag uit Middelburg. Maar het blijft zo fragmentarisch dat we blijven zoeken. Zaken als misbruik en grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer in het verleden zijn lastig te vinden, je proeft het soms tussen de woorden door, vaak aan wat er juist niet staat. Daarom zoeken we samen door in andere archieven, zoals de audiocollecties van de Zeeuwse Bibliotheek. Daarin zitten de unieke opnamen van oudere vrouwen uit de arbeidersklasse. Hun haat voor de boeren waarvoor ze gewerkt hebben kunnen ze niet onder stoelen of banken steken. Uiteindelijk interview ik Addie de Bree, een vrouw uit Terneuzen, die vertelt van haar moeder die ook diende bij boeren en hoe ze daar had leren stelen. Gewoon uit honger: heel hard moeten werken en te weinig eten krijgen. En hoe steel je dan 2,5 kilo rijst? Handje voor handje in je schortezak. Het is een eigen ruimte, die schortezak, dicht op het lichaam. Intiem. Naast een kist met je spullen in je kamertje is het de enige ruimte die helemaal voor jezelf is als dienstmeid. Je draagt het altijd bij je. En wat er allemaal in zit?1 Kan van alles zijn. Je portemonnee, een brief, een foto, iets wat je gestolen hebt. Alles waar een ander niets mee te maken heeft, en zeker je werkgever niet.
Anne raapte dit verhaal bij elkaar uit verschillende bronnen in het archief, reconstrueerde het, bond het samen en schreef het op zoals historici dat doen. Maar daar stopte ze niet. Om nog dichter bij het verhaal te komen, bij het leven van Elizabeth, nam ze een voorwerp uit het verhaal, die schortezak, en naaide er zelf eentje uit een lap linnen. Daarop borduurde ze dit verhaal van Elizabeth, in kruissteek, aan de buitenkant, voor iedereen te zien. Het verhaal was nog niet klaar, er moest nog meer verteld worden. Of beter: anders verteld, in een andere vorm. Met de handen, zonder woorden, als een intuïtiever onderzoek. In beeld uitgedrukt, tastbaar. Je kunt het door je handen laten glijden of zelfs dragen. Anne stapte hiermee ook uit het denken over het verhaal, het systematische van haar vak, de ordening die afstand brengt. Ze liet de objectiviteit van de denkende historicus even achter zich en maakte met dit object een eerbetoon aan dit verhaal, aan het verdriet dat het in zich draagt, maar ook aan de kracht van deze jonge vrouw uit de geschiedenis.
Schortezak
Wat zit er in je schortezak?
Een appel en een peer
Twee en alve kilo riest
En morgen doe k het wee
Wat zit er in je schortezak?
Een nummer uut t archief
As je een paar dagen onger et
Dan ben je a gauw een dief
en boven op op dn diek
luuster ik na de muziek
en boven op op dn diek
luuster ik na de muziek
het me nie bevalt dan ben ik (3x)
weg
Instr.
Wat zit er in je schortezak
Een emmer mee verdriet
Wat zit er in je schortezak
En niemand die het ziet
Ik weet wat of ik zeg en doe
(vraag maar aan de burgemeester)
ik weet of ik zeg en doe
(Vraag maar aan de burgemeester)
en boven op op dn diek
luuster ik na de muziek
en boven op op dn diek
luuster ik na de muziek
het me nie bevalt
dan ben ik weg
Tonnie Dieleman werkt als kunstenaar en muzikant onder de naam broeder Dieleman. Hij heeft zich door de jaren heen gespecialiseerd in de geschiedenis en folklore van zijn geboortegrond waarover hij zingt, schrijft en beeldend werk maakt.
Noten:
- Ursula K. Le Guin, The Carrier Bag Theory of Fiction (2024), voor het eerst gepubliceerd in Women of vision (1988).